Geen spijt

Geplaatst op 07 aug 2012 , bijgewerkt 07 aug 2012, 06:32

Ruim 20 jaar geleden publiceerde het Centraal Planbureau (CPB) twee belangrijke studies: 'Scanning the future' en 'Nederland in drievoud'. Beide war...

Ruim 20 jaar geleden publiceerde het Centraal Planbureau (CPB) twee belangrijke studies: 'Scanning the future' en 'Nederland in drievoud'. Beide waren gebaseerd op de gedachte dat de toekomst (het ging toen over de periode 1990-2015) fundamenteel onzeker is en dat je daarom rekening moet houden met meerdere 'denkbare toekomsten'. Oftewel meerdere scenario's. Aangezien je de toekomst niet kent, moet je beleid voeren – zo was vervolgens de redenering – waar je in geen van de denkbare toekomsten spijt van krijgt.

Slecht

Slecht beleid zou zijn om de woningmarkt nog langer aan zijn lot over te laten. Om niets te doen aan bijvoorbeeld de lange wachttijden in de huursector, aan de gebrekkige doorstroming op de huur- en de koopwoningmarkt en aan het feit dat het aanbod van nieuwe woningen niet of nauwelijks reageert op de vraag daarnaar. Daar zal elke regering onder alle economische omstandigheid alleen maar spijt van krijgen.

Goed

Inzetten op méér dynamiek op de woningmarkt is daarentegen een strategie die in alle denkbare toekomsten goed uitpakt. Daarbij staat meer dynamiek feitelijk symbool voor alles wat we op de woningmarkt willen bereiken. Het zorgt ervoor dat mensen kunnen wonen in een huis waarin ze graag willen wonen. Het maakt dat mensen mobieler kunnen zijn op de arbeidsmarkt. Het leidt ertoe dat mensen minder ver hoeven te reizen van en naar hun werk. Het zorgt dat woningen worden opgeknapt en energiezuiniger worden gemaakt door de nieuwe bewoners. Het leidt hiermee ook tot extra werkgelegenheid in de bouw, de aannemerij en de meubelindustrie. Meer economische groei zorgt voor minder uitgaven en meer inkomsten voor de overheid.

Randvoorwaarde

Meer dynamiek op de woningmarkt kan vervolgens heel goed samengaan met de wens dat wonen in Nederland betaalbaar moet blijven. Alsook met de randvoorwaarde dat groepen burgers er qua koopkracht niet te veel op achteruit mogen gaan. In het woningmarktplan WONEN 4.0 hebben we dat op drie manieren gewaarborgd:

  1. Via lagere belastingtarieven.
  2. Via een woontoeslag voor huurders en kopers met een laag of bescheiden middeninkomen.
  3. Door middel van een lange overgangsperiode van dertig jaar. Meer dynamiek én behoud van betaalbaarheid: van die combinatie krijgen we zeker geen spijt!