Hof: bank niet verantwoordelijk voor schade restschuld

Geplaatst op 01 jun 2016 , bijgewerkt 01 jun 2016, 12:00

Banken hoeven consumenten niet te waarschuwen dat ze door dalende huizenprijzen hun woning mogelijk alleen kunnen verkopen met een restschuld. Dat blijkt uit een uitspraak van het gerechtshof in Amsterdam.

Een huizenkoper had de zaak aangespannen tegen ABN Amro. Hij kreeg in 2006 een hypotheek van ruim € 1 miljoen voor de aankoop van een villa. Inmiddels is de financiële last van de hypotheek hem te zwaar en probeert hij al jaren tevergeefs de villa te verkopen.

Volgens de huizenkoper had de bank moeten weten dat hij de woning alleen nog met restschuld zou kunnen verkopen. Overkreditering door banken had volgens hem geleid tot de buitensporige stijging van de huizenprijzen in 2006. In de jaren daarna daalden de huizenprijzen. De huizenkoper claimde zijn schade bij de bank.

Het hof wees de claim af en bekrachtigde daarmee een eerder vonnis van de rechtbank. Volgens het hof had ABN Amro in 2006 niet kunnen voorzien wat enkele jaren later met de woningmarkt zou gebeuren. Daar hoefde de bank dan ook niet voor te waarschuwen. Het is algemeen bekend dat de verkoopprijzen van woningen in Nederland zowel kunnen stijgen als dalen, aldus het hof. De schade komt dan ook voor rekening van de huizenkoper.

Lees meer:
Huis verkopen met restschuld
Uitspraak gerechtshof Amsterdam (31 mei 2016)