Hoe je ouders je kunnen helpen een huis te kopen

Starters roepen steeds vaker de hulp in van hun ouders. Zonder hen zijn ze praktisch kansloos op de woningmarkt. 

Theo, Lidy en Dagmar

EIGEN HUIS MAGAZINE, OKTOBER 2016 - Toen de dochter van Theo Cats (64) haar hypotheek voor een appartementje in Eindhoven net niet rond kreeg, aarzelde hij niet. Hij leende zijn dochter het geld, een paar maanden later had ze de sleutel.  

Hoeveel Nederlandse ouders de huizen van hun kinderen meefinancieren en om hoeveel geld het gaat, is niet precies bekend. Het gaat waarschijnlijk om een groot bedrag. Volgens het Hypotheken Data Netwerk, dat 90 % van de hypotheekaanvragen monitort, namen starters begin 2019 gemiddeld € 27.000 aan eigen geld mee. Uitschieters van € 50.000 en meer zijn niet uitzonderlijk.

‘Een groot deel van dit geld móet wel van de ouders komen’, zegt Luciënne van der Geld, directeur van Netwerk Notarissen en docent Notarieel Recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. ‘Ik geloof er niets van dat starters dit zelf bij elkaar hebben gespaard.’

Meestal een studieschuld

Jonge, afgestudeerde kopers hebben meestal een studieschuld, zeker sinds de afschaffing van de basisbeurs in 2015. Volgens de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) bedraagt de gemiddelde studieschuld nu ruim € 20.000. Huren zij, dan zijn ze naast aflossing  van de studieschuld ook een fors deel van hun inkomen kwijt aan woonlasten, waardoor er van sparen weinig terechtkomt. 

Tegenwoordig heb je wel extra ‘eigen geld’ nodig om mee te doen aan een eventuele biedingsstrijd en omdat ze de kosten koper moeten betalen. Ofwel de kosten voor een makelaar, taxateur, notaris en hypotheekadvies – al snel zo’n 6 % van de koopsom. 

‘Het is daarom tegenwoordig doodnormaal dat ouders hun kinderen geld schenken voor de koop van een woning’, zegt Van der Geld. ‘Het is praktisch een deel van de opvoeding geworden.’

 

Hoeveel mogen ouders schenken

Jaarlijks mag iemand € 5.363 belastingvrij schenken. Ben je tussen de 18 en 40 jaar oud, dan mogen je ouders je eenmalig maximaal € 108.000 schenken, zonder dat de fiscus om de hoek kan kijken. Voorwaarde is wel dat het geld wordt besteed aan de aankoop van een huis, verbouwing of aflossing van een hypotheek. 

Een andere optie is het kasrondje. Je ouders lenen je geld voor de aankoop van een huis. Jij betaalt rente over de lening en krijgt daardoor hypotheekrenteaftrek. Je ouders kunnen in hetzelfde jaar de betaalde rente terugschenken via de jaarlijkse schenkingsvrijstelling van € 5.363. 

Je ouders moeten wel oppassen voordat ze de portemonnee trekken, waarschuwt Marcel Warnaar van budgetinstituut Nibud. Want op geldzaken rusten tussen ouders en kinderen vaak nog een taboe. ‘Er zijn ongetwijfeld kinderen die denken: pa en ma hebben toch geld zat’, zegt Warnaar. ‘Dat hoeft helemaal niet zo te zijn.’

Risico’s van schenken en lenen

Warnaars advies voor ouders luidt dan ook: schenk of leen alleen geld dat je echt kunt missen. Heb je meerdere kinderen, verdeel het geld dan evenredig om scheve ogen te voorkomen. Als je ouders je geld lenen, dan moeten ze daar rente over vragen. En de lening moet binnen 30 jaar met vaste bedragen worden afgelost. Anders krijgt het kind geen hypotheekrenteaftrek en ziet de Belastingdienst de lening als een verkapte schenking. 

‘Onderschat daarbij de looptijd van de lening niet’, zegt Van der Geld. ‘Is bijvoorbeeld je vader 60 jaar oud als hij je geld leent voor de koop van een huis, dan is hij 90 jaar als de lening keurig binnen de looptijd van 30 jaar is afbetaald. In de tussentijd kan veel gebeuren. Hij kan het geld niet zomaar terugvorderen als het financieel even tegenzit. Zijn geld zit immers in de stenen van jouw huis.’

Impact van een koophuis

Hoogleraar Vastgoedfinanciering Dirk Brounen van Tilburg University vindt die leningen en schenkingen van ouders aan hun kinderen maar niks. ‘Ik heb zelf twee kinderen, tieners nog. Als zij het huis uitgaan, wil ik ze eerst ervan doordringen dat een koophuis een enorme impact heeft op je leven en financiën. Ouders praten daarover te weinig met hun kinderen. Zij voeren dat gesprek vervolgens met een makelaar of bankier die alle reden hebben om ze de koopmarkt op te jagen.’ 

De dochter van Theo Cats had 25 jaar om de lening van haar vader terug te betalen. Maar binnen twee jaar had ze de lening al afgelost. ‘Nu ik het geld terug heb, kan ik mijn andere kinderen helpen’, zegt Cats. ‘Het belangrijkste is dat ze allemaal goed terechtkomen.’ 

Tekst: Sander van der Ploeg, beeld: Peter Arno Broer

Alberta en Klaas

‘Met onze hulp wonnen ze de biedingsstrijd’

Alberta (70) en Klaas (71) Westerhof uit Vledder

‘Wij schonken onze zoon en dochter elk € 30.000 voor de koop van een woning. Onze zoon en schoondochter verwachtten een kind, maar woonden in een krap appartement in het centrum van Utrecht. Mijn zoon vond daarop een ruimere woning in dezelfde stad. In Utrecht is overbieden de norm. Dan kun je maar beter veel eigen geld meenemen. Bij de verkopende partij kom je dan betrouwbaarder over. Mede door onze steun wisten ze de biedingsstrijd te winnen. 

Onze dochter was net gescheiden en zocht een woning voor haarzelf en haar zoon, onze kleinzoon. Ze kon het huis dat ze op het oog had net niet betalen, maar met onze hulp wel. Toevallig hadden onze beide kinderen tegelijkertijd hele goede redenen om te verhuizen. Ons besluit ze te helpen was spontaan en eenmalig. Ze rekenden ook niet op onze hulp, maar ze waren er wel heel blij mee. Daarom was het geld ook een schenking. We wilden onze kinderen naderhand geen verplichting opleggen.’

Rob en Laura

‘Ik leende mijn dochter en zoon de hele koopsom’

Rob Zeldenrust uit Den Haag 

‘In 2007 en 2008 leende ik mijn dochter en zoon de gehele koopsom van hun appartementen in Amsterdam en Utrecht. In totaal ging het om € 660.000. Later gaf ik mijn dochter en schoonzoon een lening voor de aankoop van een huis in Alkmaar. Ze betalen een minimale rente en die compenseer ik voor een deel weer met de € 5.428 die ik jaarlijks belastingvrij mag schenken. Destijds kostten woning een vermogen, net als nu. Vervolgens klapte de woningmarkt in elkaar. Daar maakte ik mij geen moment zorgen over. Mijn kinderen woonden immers goed. Zelf kocht ik mijn eerste huis in 1980. In de jaren daarna ging het ook flink mis met de woningmarkt, maar later wist ik het huis voor vier maal de aankoopprijs te verkopen. 

Toen ik mijn kinderen kon helpen een huis te kopen, aarzelde ik geen moment. Ik heb alle begrip voor ouders die dat niet willen of kunnen. Ik deed het wel omdat ik van mijn kinderen houd, ik toevallig de middelen had en het een aardige kostenbesparing opleverde. Ik ben niet de enige. In mijn omgeving zie ik veel ouders die hun kinderen helpen een huis te kopen.’