Verhuizen en je (bank)spaarhypotheek  

Als je gaat verhuizen, kun je jouw (bank)spaarhypotheek voortzetten of beëindigen. Hieronder geven wij in het kort aan hoe dit werkt. Laat je hypotheekadviseur voorrekenen welke optie voor jou de beste is.

Verhuizen met een (bank)spaarhypotheek

Als je gaat verhuizen, kun je vaak je spaarhypotheek met de lopende rente meenemen naar de volgende woning. Dat kan aan te raden zijn als je een aantrekkelijke - in dit geval - hogere rente betaalt die nog voor langere tijd vaststaat. Je bent hiervoor wel gebonden aan je huidige geldverstrekker, ook voor je eventuele andere hypotheekdelen. Wil je jouw spaarhypotheek bij een andere geldverstrekker afsluiten? Je gespaarde kapitaal gaat dan over naar je volgende geldverstrekker. Dit heet fiscaal geruisloos voortzetten.

Als de geldverstrekker de mogelijkheid van fiscaal geruisloos voortzetten biedt, krijg je altijd de rente van dat moment aangeboden. Bij een lagere rente betaal je een hoger bedrag dan voorheen aan premie of inleg. Dit kun je gedeeltelijk voorkomen door een extra hoge storting te doen. Hierbij gelden wel een aantal beperkingen, die in onderstaande opsomming worden genoemd.

Laat de netto-lasten op een rij zetten voor alle hypotheekdelen, zodat je kunt beoordelen wat het beste past: bij je huidige geldverstrekker blijven, of naar een nieuwe geldverstrekker gaan.  

Bij een fiscaal geruisloze voortzetting van je spaarverzekering of bankspaarrekening moet je een aantal zaken in het oog houden:

  • Je hebt te maken met een maximale inleg of eindkapitaal, deze mag niet worden verhoogd
  • Je hebt te maken met een maximale looptijd, deze mag niet worden verlengd
  • Je dient erop te letten dat de hoogste premie of inleg niet meer is dan 10 keer de laagste
  • Je spaartegoed moet rechtstreeks worden doorgestort naar de volgende verzekeraar of bank. Als dat niet mogelijk is, kun je tijdelijk het geld bij een notaris laten storten.

(Bank)spaarhypotheek beëindigen

Je kunt er ook voor kiezen de spaarhypotheek of bankspaarrekening te beëindigen. Dit kun je doen zonder fiscaal nadeel. Je moet dan wel met de uitkering je eigenwoningschuld aflossen. Dit kan ook een restschuld zijn. Voor de financiering van je nieuwe woning zul je dan een andere hypotheekvorm moeten kiezen, bijvoorbeeld een annuïteitenhypotheek.

Lees meer over de regels rondom de spaarhypotheek

;