Cv installaties

Laat uw cv-ketel jaarlijks nakijken door een vakman voor behoud van uw cv-installatie. De meeste onderdelen hiervan gaan net zo lang mee als de ketel. Sommige delen zijn eerder aan vervanging toe.

Installaties en leidingen

Laat bij een goed draaiende cv-installatie de cv-ketel jaarlijks nakijken door de vakman. Bij elke ketel hoort een gebruiksaanwijzing en/of instructieboekje met gegevens voor onderhoud. Vraag dit boekje zonodig aan bij de leverancier of fabrikant. 

De meeste onderdelen van de cv-installatie gaan net zo lang mee als de ketel. Eerder aan vervanging toe zijn: 

  • De circulatiepomp; maakt de circulatiepomp lawaai dan is er meestal sprake van lucht in de pomp. Zet de pomp voor ontluchting 10 minuten uit en draai vervolgens de ontluchtingsschroef voorop het pomphuis 2 slagen los. Blijft de pomp lawaaiig, dan zijn de lagers waarschijnlijk versleten en bent u aan een nieuwe pomp toe.
  • Het expansievat; deze vergt geen onderhoud en gaat circa 5 jaar mee. Een te lage waterdruk kan wijzen op een defect vat. Tik met een hard voorwerp tegen het vat. Klinkt het vat zowel boven als onder dof, dan moet u het vernieuwen. 

Zorg voor voldoende waterdruk 

De juiste waterdruk is belangrijk voor het goed functioneren van de installatie. In afgekoelde toestand dient de waterdruk ongeveer 1,5 atmosfeer/bar te zijn. De rode wijzer op de waterdrukmeter geeft de ondergrens aan. In volbedrijf is de druk ongeveer 1,8 bar tot 2,5 bar, afhankelijk van de temperatuur. Bij 3 bar treedt het overstortventiel in werking. 

Zo vult u bij 

Is de druk van de werkende installatie onder de 1,2 bar dan dient u het systeem bij te vullen. Dat gaat als volgt: 

  • Zet de ketel buiten werking en laat de installatie afkoelen.
  • Sluit de vulslang aan op het vulpunt van de cv-installatie en draai deze iets open, zodat de slang zich vult met water.
  • Sluit de slang aan op een waterkraan en draai het vulpunt in zijn geheel open.
  • Open de waterkraan en breng de installatie op druk.
  • Draai beide kranen dicht en verwijder de vulslang.
  • Ontlucht tenslotte de gehele installatie (cv-ketel en radiatoren).

Ververs het water niet om de installatie te sparen. Hoe ouder het water, hoe minder zuurstof het bevat en hoe minder kans op roesten. 

Open radiatorkranen regelmatig

Staat de radiatorknop altijd in dezelfde stand, dan is de kans groot dat deze vast gaat zitten. Draai daarom van tijd tot tijd alle kranen een paar keer geheel open en dicht om deze gangbaar te houden. 

Ontluchten

Bevindt zich lucht in de installatie (borrelende geluiden) dan geeft dat kans op roestvorming. De ketel heeft een automatische ontluchter. Toch is het goed eens per jaar de gehele installatie te ontluchten. Een nieuwe of geheel opnieuw gevulde installatie moet u gedurende het eerste stookseizoen meerdere keren ontluchten en zonodig bijvullen. 

Ga als volgt te werk: 

  • Draai alle radiatorkranen open en schakel de cv-ketel en circulatiepomp uit.
  • Wacht 10 minuten zodat het cv-water tot rust komt.
  • Draai de ontluchtingskraantjes open en sluit ze weer als er zonder pruttelen een waterstraaltje uit komt. Het water is vies: vang het op in een bakje of doekje. Loop zo alle ontluchtingspunten na.
  • Vergeet niet de ontluchtingsschroef voorop de pomp.
  • Controleer na afloop de druk. Vul eventueel bij en breng op druk.