Tariefdifferentiatie waterschapslasten pakt gunstiger uit voor huiseigenaren
Huiseigenaren worden vanaf dit jaar relatief minder zwaar belast dan bedrijven door de invoering van nieuwe, gedifferentieerde waterschapstarieven. Uit onderzoek van Vereniging Eigen Huis, dat de tarieven van alle 21 waterschappen in kaart bracht, blijkt dat waterschappen in 2026 overal hogere tarieven rekenen voor bedrijfspanden dan voor woningen. Daarmee wordt een einde gemaakt aan een reeks jaren waarin vooral huishoudens de stijgende waterschapslasten voelden.
Door nieuwe wetgeving moeten waterschappen vanaf dit jaar onderscheid maken tussen woningen en bedrijfspanden in de tarieven voor de watersysteemheffing gebouwd. Uit onderzoek van de vereniging blijkt dat alle 21 waterschappen hogere tarieven rekenen voor bedrijfspanden dan woningen. Vereniging Eigen Huis maakte zich jarenlang hard voor deze wetswijziging.
Cindy Kremer, algemeen directeur van Vereniging Eigen Huis: “De WOZ-waarde bepaalt hoeveel watersysteemheffing je betaalt. De waarde van bedrijfspanden is de afgelopen tien jaar ongeveer gelijk gebleven, maar de waarde van woningen is bijna verdubbeld. Daardoor moesten huiseigenaren steeds meer betalen.”
Oneerlijke scheefgroei doorbroken
Hoewel de tarieven voor woningen op veel plekken iets zijn gedaald, is dat onvoldoende om de sterk gestegen WOZ‑waardes te compenseren. De lasten voor de watersysteemheffing gebouwd stijgen gemiddeld 9,5% voor woningen en 9,7% voor bedrijfspanden. Bedrijven gaan daarmee meer betalen dan voorheen. Kremer: "Huiseigenaren zien dus nog steeds een stijging van hun totale waterschapslasten. Maar voor bedrijven is de stijging groter en daarmee is dankzij de tariefdifferentiatie de oneerlijke scheefgroei in waterschapslasten doorbroken."
Grootste stijgers
De totale waterschapslasten bestaan naast de watersysteemheffing gebouwd uit de zuiveringsheffing en de watersysteemheffing ingezetenen. De grootste stijgers in totale lasten zijn de waterschappen Hollandse Delta en Vechtstromen, waar inwoners in 2026 respectievelijk 11,6 en 11,1% meer betalen. Alleen in waterschap Amstel, Gooi en Vecht dalen de totale lasten (-1,4%). Noorderzijlvest en Wetterskip Fyslân zijn de duurste waterschappen met €753 en €738 aan totale jaarlijkse lasten. Inwoners van Waterschap De Dommel zijn met €412 per jaar het goedkoopst uit.
Bij de watersysteemheffing gebouwd zijn Waterschap Hollandse Delta en Vechtstromen de grootste uitschieters, met 28,9% en 26,9% hogere lasten. De watersysteemheffing ingezetenen stijgt met 21% het hardst in Hoogheemraadschap Rijnland, terwijl inwoners van Vechtstromen 12,4% minder betalen. Voor de zuiveringsheffing geldt de grootste toename in Noorderzijlvest: 18,7%.
Belangrijke stap
Vereniging Eigen Huis verwelkomt de differentiatie als belangrijke stap naar een rechtvaardiger stelsel. Tegelijkertijd merkt de vereniging op dat de ongelijkheid uit het verleden blijft bestaan doordat de wijziging geen terugwerkende kracht heeft. Met de toenemende kosten van waterbeheer en waterzuivering blijft het voor de toekomst belangrijk dat de kosten rechtvaardig worden verdeeld tussen inwoners, bedrijven en de agrarische sector.
Kremer: “Het is belangrijk dat iedereen passend betaalt voor het werk dat waterschappen doen en voor de kosten die zij veroorzaken. Daarom blijven we goed in de gaten houden of waterschappen de nieuwe regels juist toepassen en of de lastenontwikkeling in balans blijft."
Bekijk alle tarieven per waterschap en de verschillen met vorig jaar (pdf)
Over het onderzoek
Vereniging Eigen Huis heeft in december 2025 de tarieven van 21 waterschappen onderzocht. De vereniging is daarbij uitgegaan van een WOZ-waarde van €500.000 voor 2025 voor zowel woningen als niet-woningen (zoals een winkelpand). Voor 2026 is de vereniging uitgegaan van een gemiddelde stijging van de WOZ-waarde van 10,5% voor woningen en 2% voor niet-woningen. Dit is gebaseerd op de verwachtingen van de Waarderingskamer. Voor de zuiveringsheffing gaat het om de kosten van een meerpersoonshuishouden.
Enkele waterschappen rekenen ook een wegenheffing. Deze is in dit onderzoek buiten beschouwing gelaten.