Kruipruimte controleren 

Werp af en toe eens een blik in de kruipruimte. De zomer is daarvoor een goed moment omdat er dan meestal geen water in staat. Hierop moet je letten:  

Stappenplan

Stap 1: Ventilatie  

Er moet voldoende ventilatie zijn in de kruipruimte. Als het goed is, zitten hiervoor aan de onderkant van de buitengevels roosters. Ontbreken die, breng dan ventilatie-renovatiekokers aan. Die zijn ook nodig als de spouw is na-geïsoleerd.

Stap 2: Leidingen  

Check of leidingen doorhangen, niet meer gebeugeld of gebroken zijn. Bij een riolering zorgt dit mogelijk voor verstoppingen of lekkages.  

Stap 3: Vloer  

Heb je een huis uit de jaren zeventig? In die tijd waren betonvloeren met de namen Kwaaitaal en Manta berucht: die zijn gevoeliger voor betonrot. Hoe vochtiger de kruipruimte, hoe groter de kans hierop. Kijk naar de onderkant van de begane grondvloer. Bruine vlekken bij een betonnen vloer zijn tekenen van betonrot. Laat er in dat geval een specialist naar kijken.   
Heb je een houten vloer en is die langere tijd nat geweest, dan kan er sprake zijn van houtrot of zwam. Houtrot is herkenbaar aan donkerbruine of zwarte plekken, zwam aan een witte laag of een bruine vlek met witte randen. Vervang aangetast hout.  

Stap 4: Hoofdkraan   

In oude huizen zitten de watermeter en de hoofdkraan om het water af te sluiten vaak in de kruipruimte. Controleer of de hoofdkraan nog goed werkt en check gelijk of de waterleiding nergens lekt. Draai hiervoor alle kranen in huis dicht en kijk of het telwerk van de watermeter nog loopt.