Warmtepomp in de winter: 6 tips
Het vriest of sneeuwt. Hoe zorg je dat jouw warmtepomp goed blijft werken en je woning lekker warm blijft? 6 tips.

1. Houd de warmtepomp vrij van sneeuw
De meeste mensen hebben een lucht-water-warmtepomp, die warmte uit de buitenlucht haalt. Deze heeft meestal een buitenunit. Belangrijk is dat deze buitenunit vrij van sneeuw blijft. Anders kan hij onvoldoende lucht aanzuigen en weer afvoeren. En dat kan er weer toe leiden dat de warmtepomp minder goed of helemaal niet meer werkt. Controleer daarom regelmatig of er sneeuw op of tegen de buitenunit ligt. Zo ja, veeg de sneeuw dan weg. Doe dit met een zachte borstel om krassen of beschadiging te voorkomen.
Bodemwarmtepomp
Heb je een bodemwarmtepomp? Deze haalt warmte uit de bodem en heeft geen buitenunit die je sneeuwvrij hoeft te houden.
2. Controleer of smeltwater goed kan weglopen
De buitenunit kan bevriezen. Moderne warmtepompen ontdooien deze automatisch. Dit doen ze met behulp van warmte uit de woning en duurt ongeveer 5-15 minuten. Tijdens het ontdooien kan er stoom vanaf komen. Dat is niks om je zorgen over te maken. Wel is het belangrijk dat het smeltwater goed kan weglopen. Hiervoor heeft de buitenunit een speciale afvoer. Controleer of deze open is en er bijvoorbeeld geen sneeuw of blaadjes in zitten. Anders blijft het smeltwater in de warmtepomp staan en kan er alsnog een storing ontstaan.
3. Wees voorzichtig bij de buitenunit
Rond de buitenunit kan het glad zijn. Dit komt doordat de lucht die de buitenunit uitblaast nog kouder is dan de buitenlucht. Daarnaast moet het smeltwater dat uit de warmtepomp loopt ook ergens naartoe. Meestal zorgt de installateur dat dit op een veilige manier wegstroomt. Maar soms is dit niet gebeurd en loopt het smeltwater over de grond, waar het vervolgens weer bevriest. Wees daarom voorzichtig als je rond de buitenunit loopt.
5. Zet de temperatuur niet veel lager
Misschien denk je: om energie en geld te besparen, zet ik de temperatuur van de verwarming ’s nachts wat lager. Draai de thermostaat in dat geval niet meer dan 2 graden omlaag. Ten eerste werken veel warmtepompen met zogenoemde lage-temperatuur-verwarming, waardoor het lang duurt om je woning de volgende dag weer op temperatuur te krijgen. Heb je een zogenoemde monoblock warmtepomp met alleen een buitenunit en geen binnenunit? Dan kunnen bovendien de leidingen bevriezen en schade oplopen. Laat de warmtepomp ook gewoon aanstaan als je op vakantie gaat. Van de instellingen van de warmtepomp zelf kan je beter helemaal afblijven, omdat dit gevolgen kan hebben voor het rendement.
5. Maak je geen zorgen
Ben je bezorgd dat je warmtepomp je woning ’s winters niet warm krijgt en je in de kou komt te zitten? Dat is in de meeste gevallen niet nodig. Als je een warmtepomp hebt die past bij jouw woning en die goed is geïnstalleerd, dan krijgt deze jouw huisje gewoon lekker warm. Ook al vriest het, de warmtepomp weet nog steeds voldoende warmte uit de buitenlucht te halen. Natuurlijk, bij koud weer moet hij harder werken en verbruikt hij meer stroom dan op warmere dagen. Maar een cv-ketel verbruikt op zulke dagen ook meer gas. Doordat hij harder moet draaien, maakt de warmtepomp bij koud weer ook meer geluid. Ook dit is niks om je zorgen over te maken.
6. Laat je warmtepomp regelmatig onderhouden
Hoewel minder dan een cv-ketel, hebben ook warmtepompen periodiek onderhoud nodig. Laat je warmtepomp daarom regelmatig nalopen en sluit bij voorkeur een onderhoudscontract af. Zo vergroot je de kans dat deze – ook de winter – goed blijft werken.
Tip! Doe mee met de Collectieve Inkoop warmtepomp
Een warmtepomp is een goede oplossing voor het duurzamer verwarmen van je woning. Doe mee met de Collectieve Inkoop warmtepomp en ontvang een vrijblijvend aanbod. Met de Warmtepompcheck ontdek je of jouw woning geschikt is.