Verzorgingshuis en eigen woning: waar moet je op letten?
Ga je naar een verzorgingshuis en heb je een eigen woning? Dan verandert je financiële situatie. Je woning telt vaak niet meteen mee voor je eigen bijdrage. Hier lees je hoe dat zit en wat je moet regelen.

Hoe werkt de eigen bijdrage voor het verzorginshuis?
Ga je in een zorginstelling wonen en krijg je zorg vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz)? Dan betaal je een eigen bijdrage via het CAK. Die bijdrage wordt berekend op basis van:
• je inkomen, zoals AOW en pensioen
• je vermogen, zoals spaargeld en beleggingen
Belangrijk om te weten: het CAK kijkt naar je financiële situatie van twee jaar geleden. Daardoor hebben veranderingen niet meteen effect op de hoogte van je bijdrage.
Wat gebeurt er met je woning?
Wat er met je woning gebeurt, hangt af van jouw situatie. Hieronder lees je wat de fiscale regels zijn en wanneer je woning meetelt voor je eigen bijdrage.
Woont er niemand meer in je woning?
Als je woning leeg komt te staan, verandert de fiscale situatie in stappen.
De eerste twee jaar nadat je je woning hebt verlaten, ziet de Belastingdienst deze nog als je eigen woning. Je woning valt dan in box 1. Dat betekent dat de waarde nog niet wordt gezien als vermogen en dus nog geen invloed heeft op je eigen bijdrage.
Blijft je woning daarna leeg, bijvoorbeeld omdat je nog niet zeker weet of je terugkeert, dan verschuift deze na
twee jaar naar box 3. Vanaf dat moment wordt je woning gezien als vermogen, bijvoorbeeld net als spaargeld of beleggingen.
Toch merk je dat nog niet direct in je eigen bijdrage. Het CAK kijkt namelijk naar je vermogen van twee jaar eerder. Daardoor telt je woning vaak pas vier jaar na vertrek mee bij het bepalen van je eigen bijdrage. Dit zorgt ervoor dat je eigen bijdrage meestal niet meteen stijgt als je woning leeg komt te staan.
Voorbeeld
Op 1 augustus 2024 ging je naar een verzorgingshuis en verliet je je eigen woning. De woning staat nu leeg. Is dit twee jaar later nog steeds het geval (op 1 augustus 2026), dan komt de woning in box 3 terecht. De eerstvolgende peildatum van de Belastingdienst voor box 3 is echter 1 januari 2027. Vanaf dan telt de woning officieel mee in box 3. Nog eens twee jaar later (vanaf 2029 dus) telt de woning mee bij het bepalen van de eigen bijdrage.
Zet je de woning te koop?
Zet je je woning te koop, dan blijft deze vaak nog tot maximaal drie jaar na het jaar van vertrek in box 1. Lukt het niet om je woning binnen die periode te verkopen, dan verschuift deze alsnog naar box 3.
Ook dan geldt weer dat de waarde van je woning pas later effect heeft op je eigen bijdrage, omdat het CAK met een vertraging rekent.
Blijft je partner in de woning wonen?
Blijft je partner in de woning wonen? Dan blijft de woning gewoon in box 1. De woning telt dan niet mee als vermogen en heeft dus geen invloed op je eigen bijdrage. Dit kan een groot verschil maken voor de hoogte van je maandelijkse kosten.
Wat kun je nu al regelen voor later?
Wellicht komt er in de toekomst een moment dat je naar een verzorgingshuis gaat. Het is verstandig om al eerder na te denken over je woning en je financiën. Zo voorkom je dat je partner of kinderen later voor onverwachte keuzes komen te staan.
Denk na over wat je met je woning wilt
Blijft je partner in je woning wonen, wordt de woning verkocht of wil je de woning aanhouden? Dit bepaalt voor een groot deel wanneer je woning meetelt voor je eigen bijdrage.
Verdiep je in de financiële gevolgen
Een eigen woning kan op termijn invloed hebben op je eigen bijdrage voor het verzorgingshuis. Het helpt om globaal te weten of je woning nog onder de eigenwoningregeling valt (box 1) of op termijn naar box 3 gaat. Dit is bepalend voor wanneer je woning als vermogen meetelt.
Houd rekening met veranderingen in de tijd
Je eigen bijdrage verandert meestal niet meteen. Het effect van je woning zie je vaak pas na een paar jaar terug. Het is daarom verstandig om niet alleen naar nu te kijken, maar ook naar je situatie over 2 tot 4 jaar. Maak een inschatting van je eigen bijdrage, bijvoorbeeld met de rekenhulp van het CAK.
Bespreek je situatie met je partner of familie
Verandert je woonsituatie, dan heeft dat vaak ook gevolgen voor anderen. Bespreek daarom samen wat je met de woning wilt doen, welke keuzes er gemaakt moeten worden, wie zaken rondom je woning regelt als jij dat zelf niet (meer) kunt.
Leg vast wie jouw zaken mag regelen
Kun je in de toekomst zelf geen beslissingen meer nemen? Dan is het belangrijk dat iemand anders dit voor je kan doen. Leg dat daarom vast, bijvoorbeeld in een levenstestament.
Een levenstestament: regel zaken op tijd
In een levenstestament leg je vast wie namens jou beslissingen mag nemen als je dat zelf niet meer kunt. Dit is belangrijk als je door ziekte of ouderdom of niet meer wilsbekwaam bent. Dit document bevat onder andere:
- Financiële volmacht: Wie mag jouw financiële zaken regelen, zoals het beheren van je woning, de hypotheek en je bankrekening?
- Zorg en welzijn: Wie mag beslissingen nemen over medische behandelingen of jouw persoonlijke verzorging? En wie is contactpersoon voor de zorginstelling?
- Wensen over de woning: Moet de woning bijvoorbeeld verkocht worden als je niet meer thuis kunt wonen?
Een testament: jouw wensen op papier
Een testament bepaalt wat er met je vermogen en eigendommen gebeurt na je overlijden. Dit is extra belangrijk als je een eigen woning bezit en naar een verzorgingshuis gaat. Denk hiervoor na over:
- Wie erft de woning? Bepaal of de woning naar je partner, kinderen of een ander erfgenaam gaat.
- Erfbelasting en planning: Door slim erfbelasting te plannen, kun je de belastingdruk voor je erfgenamen verlagen.
- Wettelijke verdeling versus eigen wensen: Zonder testament bepaalt de wet wie wat krijgt. Met een testament kun je hiervan afwijken en specifieke wensen voor de verdeling van je vermogen vastleggen.
Sta sterker samen met ruim 800.000 andere leden
Persoonlijk juridisch en financieel advies
Bruikbare tips en informatie
Korting op handige diensten
voor € 38,75 per jaar